Print

BEVI, Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen

Voor grotere opslagen gevaarlijke stoffen kan – naast een milieuvergunning- sprake zijn van een BEVI plicht. Dit is geregeld in artikel 2 van het BEVI.

Een voorbeeld van een BEVI plichtig bedrijf:

  • Een inrichting waar verpakte gevaarlijke stoffen worden opgeslagen in een hoeveelheid van meer dan 10.000 kg per opslagvoorziening, indien:
    1. Brandbare gevaarlijke stoffen met fluor-, chloor-, broom-, stikstof- of zwavelhoudende verbindingen worden opgeslagen, of;
    2. Binnen een opslagvoorziening zowel brandbare gevaarlijke stoffen als gevaarlijke stoffen met fluor-, chloor-, broom-, stikstof- of zwavelhoudende verbindingen worden opgeslagen.

BEVI bedrijven zijn zogenaamde “Risicovolle Inrichtingen”, omdat ze serieuze gevolgen kunnen hebben voor hun omgeving bij een calamiteit, en mogen daarom niet overal worden gevestigd. Doorgaans moet hiervoor zelfs het geldende Bestemmingsplan worden gewijzigd.

BRZO, Besluit Risico’s Zware Ongevallen

BRZO bedrijven behoren tot de zwaarste milieucategorie van bedrijven. Nederland telt momenteel zo’n 400 BRZO bedrijven. Bij BRZO bedrijven is sprake van de aanwezigheid van grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen.

Er zijn twee typen BRZO inrichtingen:

  • Hogedrempel inrichtingen, en;
  • Lagedrempel inrichtingen.

De drempelwaarden staan vermeld in bijlage 1, deel 1 en 2 van SEVESO III.

BRZO bedrijven zijn tevens BEVI-inrichtingen, en moeten voldoen aan een zwaar veiligheidsregime om een veilige bedrijfsvoering te waarborgen, waaronder een Veiligheidsbeheerssysteem, systematische risico identificatie en preventiebeleid zware ongevallen. Zie voor meer informatie: www.BRZO.nu.

Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2021 gaan de termen BRZO en BEVI vervallen. Een BRZO bedrijf wordt dan een SEVESO inrichting.